Sita, lid van Give & Live, naar de top!

‘Wordt dit dan mijn top’?’

Ik ben Sita Wielenga, 56 jaar en heb in 2008 een levertransplantatie ondergaan. Na in juni 2009 afstootverschijnselen te hebben gehad ben ik helemaal de ’oude nieuwe’ zullen we maar zeggen!

Vreselijk aangekomen door alle medicatie (1.50 lang en bijna even zo breed!) ben ik na mijn transplantatie aan het sporten geslagen en heb me gericht op fitness en hardlopen. Fitness om  het lijf weer wat in model te krijgen en hardlopen om de overtollige kilootjes kwijt te raken.

En ik moet zeggen dat is aardig goed gelukt!

In 2014 werd ik gebeld vanuit het UMCG door de transplantatieverpleegkundige of ik met een groep getransplanteerden de Kilimanjaro in Tanzania wilde gaan beklimmen! Ik kon mijn oren niet geloven. Wie? Ik? Klimmen? Wat een geweldige uitdaging leek me dat. En met een prachtig doel:  aandacht genereren voor donatie en tevens wat kun je allemaal weer na een transplantatie.

Ik was intussen op het niveau van halve marathons aangeland en dacht: “Dit varkentje gaat deze dame ook even wassen”.

Samen met mijn dochter Danielle veel gewandeld ter voorbereiding.

Een aantal maanden voor vertrek begon een wat vervelend hoestje en ik dacht nog, één nachtvorstje erover dan is het wel weer over! Maar niets bleek minder waar. De hoestklachten bleven en verergerden zich alleen maar. Kost wat het kost  wilde ik natuurlijk die magische berg daar in dat verre Afrika gaan beklimmen.  Afhaken was geen optie want daar had ik toch niet keihard  voor getraind!  De top bereiken, dat was toch mijn doel?

Oktober 2014 begon ik vol goede moed aan de beklimming van de Kilimanjaro.

Maar helaas, op 5300 meter ging het mis. De top? Mijn top?  Welke top? Van alles ging er door mijn hoofd. Ik begon van 1 meter lopen 2 meter te maken.  Zwalken zo kun je het het best omschrijven.  Ik  dacht: “ Sita, je bent er niet helemaal meer bij”. Helaas voor mij, maar van de verstandige, ervaren en goed getrainde expeditieleider René de Bos om me heen kreeg ik het advies: “Jouw top is hier bereikt, je moet  terug naar beneden”.

Wat een deceptie, was mijn eerste gedachte. Tevens heerste er ook heel lang een gevoel  van  ‘missie mislukt’!!! Geen Top bereikt! De top, waar ik zo vreselijk graag had willen staan voor al die getransplanteerden, voor al die nabestaanden, voor al die mensen die nog op de wachtlijst staan, voor mijn familie die me in de aanloop zo vreselijk goed hebben gesteund!  Goede benen, goede conditie,   waar was het in mijn beleving mis gegaan? En natuurlijk het was nergens misgegaan; mijn lijf liet het op die hoogte afweten en dan is acceptatie en berusting het beste medicijn.

Het bleek later, bij terugkomst in Nederland, na een bezoek aan de longarts  een combinatie te zijn van hoogteziekte en longen vol met slijm. Dat ik überhaupt 5300 meter heb gehaald was voor mijn behandelend longarts een raadsel.

Trots keek ik hem aan en dacht opnieuw: “ ja deze dame heeft dat  “varkentje toch maar mooi even gewassen”, en ik  gaf me met een voldaan gevoel over aan de nare bronchoscopie die mij te wachten stond.

Gelukkig kijk ik er nu,  4 jaar later, met een beter gevoel op terug. De ervaring ,de saamhorigheid, de teamspirit, en dit alles met een groep fijne, lieve mensen om me heen. Wat een geluk dat ik daar onderdeel van was!

 Enkele weken geleden opnieuw verbazing, blijdschap,   je zou het zelfs euforisch  kunnen noemen. Telefoontje van de transplantatieverpleegkundige of ik de Mont Ventoux wilde fietsen met getransplanteerden met opnieuw hetzelfde doel.


Vreudedansje door de kamer! Opnieuw een kans! Opnieuw een top! Wordt dit dan ‘mijn top’?  Mijn dochter bood gelijk aan om mee te gaan. Zoonlief zei: “ Ik ga wekelijks met je naar de sportschool”. Zo lief en betrokken allemaal.

Tevens wil ook hiermee mijn man een hart onder de riem steken.  Hij heeft een beenmergziekte en moet ter zijner tijd ook een transplantatie ondergaan.

Deze top ga ik dan toch zeker bereiken!